Financiële Planning | Pensioen | Financiële administratie | Hypotheken | Verzekeringen | Belastingen | Financieringen | Vermogensbeheer | Employee Benefits

Erkend Hypotheek Adviseur & Gecertificeerd Financieel Planner

Pensioenwet

De Pensioenwet vervangt de Pensioen- en spaarfondsenwet (PSW) die al 50 jaar bestaat. Vervanging van de wet is nodig omdat er in deze vijftig jaar, door vele wijzigingen nauwelijks nog enige structuur in de wet te ontdekken is. Het kernwoord van de nieuwe wet is transparantie, met name voor de deelnemers. Daarom is een groot aantal informatieverplichtingen opgenomen in de wet. Maar ook de financiële opzet van een pensioenfonds moet transparant zijn. Verder zijn de taken van werkgever, werknemer en de pensioenuitvoerder uitvoerig beschreven, zodat duidelijk is wie van deze partijen waarvoor verantwoordelijk is.

Een beperkt aantal onderdelen van de wet is direct per 1 januari 2007 in werking getreden. Onderdelen die nieuwe taken voor de pensioenuitvoerder inhouden, treden per 1 januari 2008 in werking. Voor het overgangsrecht is een apart wetsvoorstel ingediend.

Hieronder zijn de volgende onderdelen van de pensioenwet nader uitgelegd:

  • Eisen aan de pensioenregeling
  • Aangaan van een uitvoeringsovereenkomst
  • Wettelijk recht op volledige en begrijpelijke pensioenvoorlichting
  • Startbrief
  • Periodiek informeren
  • Pensioenfondsen
Eisen aan de pensioenregeling

De werkgever c.q. het bestuur van een pensioenfonds moet nagaan of de pensioenregeling voldoet aan de Pensioenwet en de nieuwe bepalingen die deze bevat. Zo mag de toetredingsleeftijd in de nieuwe wetgeving niet hoger zijn dan 21 jaar. Uiterlijk één jaar nadat de Pensioenwet is ingegaan, moet het reglement van een pensioenfonds zijn aangepast aan de nieuwe bepalingen. Voor ondernemingen die hun pensioenregeling verzekerd hebben bij een verzekeraar, geldt het pensioenreglement niet meer voor nieuwe deelnemers. Voor hen geldt de startbrief.

Aangaan van een uitvoeringsovereenkomst

De werkgever maakt in het kader van de arbeidsvoorwaarden afspraken over pensioen. Hij is vervolgens verplicht de pensioenen via een uitvoeringsovereenkomst onder te brengen bij een pensioenuitvoerder, bijvoorbeeld een pensioenfonds of een verzekeraar. In deze uitvoeringsovereenkomst moet een aantal zaken worden geregeld. De uitvoeringsovereenkomst moet binnen een jaar na inwerkingtreding van de wet beschikbaar zijn.

Wettelijk recht op volledige en begrijpelijke pensioenvoorlichting

De pensioenuitvoerder moet de voorlichting aan de deelnemers verzorgen. De werkgever moet erop toezien dat de uitvoerder dit ook werkelijk doet, in voor de werknemer begrijpelijke bewoordingen. In die zin is sprake van een gedeelde verantwoordelijkheid.
In de Pensioenwet (en in lagere wetgeving) is een flink aantal informatieverplichtingen opgenomen. Zo moet de werkgever voortaan binnen een maand na aanvang van het dienstverband de werknemer een schriftelijk aanbod doen tot het aangaan van een pensioenovereenkomst. Het slechts noemen van het bestaan van een pensioenregeling is onvoldoende.

Startbrief

De werknemers krijgen van de pensioenuitvoerder een startbrief uitgereikt. Deze brief bevat onder andere:

  • de inhoud van de basisregeling, inclusief de risico’s en de gevolgen bij beëindiging van deelname, deeltijdwerken of arbeidsongeschiktheid.
  • de toeslagverlening inclusief het ambitieniveau, de voorwaarden, de wijze van financiering en de verwachtingen voor toekomstige toeslagverlening.

Alle nieuwe werknemers moeten een jaar na inwerkingtreding van de Pensioenwet een startbrief krijgen.

Periodiek informeren

De pensioenuitvoerder is daarnaast verplicht periodiek informatie te verschaffen over de opgebouwde aanspraken, de te bereiken aanspraken en de toeslagverlening.
Ook ontvangen de deelnemers jaarlijks een pensioenopgave. Hierbij moet onderscheid worden gemaakt tussen de verschillende pensioenovereenkomsten. Ook moet worden aangegeven wat de consequentie is van nabestaandenpensioen op risicobasis en opbouwbasis. Bij beëindiging van deelname krijgt de deelnemer de gebruikelijke informatie. Gewezen deelnemers moeten nog eens periodiek (eens in de vijf jaar) worden geïnformeerd.

Pensioenfondsen

Voor pensioenfondsen geldt per 1 januari 2007 het Financieel Toetsingskader .
Op grond hiervan moet een pensioenfonds voldoen aan de eisen die gesteld worden aan het vermogen. Daarnaast moet het een kostendekkende premie vragen. Daarnaast moet een pensioenfonds ook op grond van de Pensioenwet de ‘Principes voor goed pensioenfondsbestuur’ naleven. Pensioenfondsen worden verplicht om de medezeggenschap van pensioengerechtigden te regelen via bestuursparticipatie of een deelnemersraad.